Het C-akkoord is misschien wel het bekendste akkoord op gitaar en piano. Het klinkt open en helder en vormt de basis van talloze nummers.
Noten: C - E - G
Intervallen: priem, terts, kwint
De open G-snaar klinkt dof.
Je middelvinger raakt de G-snaar. Zet je vingers meer op hun toppen en houd je knokkels gebogen.
De lage E-snaar klinkt mee en maakt het akkoord modderig.
Begin je aanslag bewust bij de A-snaar, of demp de lage E-snaar licht met de top van je ringvinger.
Een majeurakkoord bestaat uit grondtoon, grote terts en kwint. Het klinkt helder, stabiel en positief.
Majeurakkoorden vormen de basis van vrijwel elk nummer en klinken 'af': je kunt er prima op eindigen.
Deze akkoordenschema's hoor je in honderden nummers. Oefen het C-akkoord in deze veelgebruikte reeksen en klik op een akkoord voor de bijbehorende uitleg.
Oefen het C-akkoord direct in een echt nummer, met meespeelweergave en strumming-patronen.
Het vraagt wat rek omdat je vingers over drie frets verdeeld staan. Oefen de greep eerst langzaam en check snaar voor snaar of alles klinkt. Na een paar dagen oefenen zit hij er meestal in.
G, Am en F. Met die vier akkoorden speel je al honderden popnummers, ze vormen samen de bekendste progressie in de popmuziek.
C (C majeur) bestaat uit de noten C, E, G.
Deze akkoorden kom je vaak in dezelfde nummers tegen als het C-akkoord, of het zijn varianten op dezelfde grondtoon.